Home
Maandag 06 februari

Milieuvergunning
De volgende regelgeving is van belang voor de toetsing van de milieuvergunning:
 
  • De Wet ammoniak en veehouderij (Wav) en de Wet milieubeheer (Wm). Bij aanvragen voor een milieuvergunning moeten de milieugevolgen (veroorzaakt door de ammoniakemissie uit dierenverblijven) via de Wav beoordeeld worden. Ook energiegebruik en opslag van gevaarlijke stoffen worden in de milieuvergunning, geregeld.
  • De Wet ammoniak en veehouderij bevat aanvullend zoneringbeleid. Dit is van toepassing op veehouderijen in kwetsbare gebieden en in een zone van 250 m rond die kwetsbare gebieden. Op grond, van de Wav mogen in die gebieden geen nieuwe veehouderijen opgericht worden en hebben bestaande veehouderijen slechts beperkte uitbreidingsmogelijkheden.
  • De Reconstructiewet concentratiegebieden is van toepassing op de concentratiegebieden. Dit zijn gebieden zoals bedoeld in de Wet herstructureringvarkenshouderij. Met de Reconstructiewet probeert men door wijziging van de ruimtelijke inrichting een integrale en samenhangende oplossing te bieden voor een aantal structurele problemen waarmee deze gebieden te kampen hebben.
 
Om dieren in een stal te mogen houden is een milieuvergunning (vroeger hinderwetvergunning genoemd) vereist. Voor de melkveehouderij zijn hiervoor twee procedures mogelijk:
 
  • Melding in het kader van het Besluit Landbouw milieubeheer
  • Aanvraag milieuvergunning volgens Wet Milieubeheer
Procedure aanvraag milieuvergunning
De aanvraag voor de milieuvergunning Wet Milieubeheer geschiedt schriftelijk aan de
gemeente onder vermelding van de volgende gegevens:
  • naam en adres van de aanvrager;
  • adres en aard van het bedrijf, de huidige situatie en de omvang van de huidige vergunning;
  • ligging van de inrichting ten opzichte van verzuringgevoelige gebieden en stankgevoelige objecten;
  • geplande situatie en activiteiten (zoals het houden van dieren (ook hobbydieren) en het opslaan van mest, veevoer, gevaarlijke stoffen en afval);
  • milieubelasting van het bedrijf, zoals ammoniakuitstoot;
  • maatregelen ter beperking van de milieubelasting. 

 

Bouwvergunning

Een aanvraag bouwvergunning wordt door de gemeente getoetst aan een aantal voorschriften en verordeningen:

 

  • De bouwverordening is een gemeentelijke verordening, meestal volgens het
model van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG). Hierin staan
met name administratieve bepalingen en criteria voor de beoordeling van het
bouwplan door de Welstandscommissie.\

  • In het bouwbesluit staan bouwtechnische voorschriften en bepalingen over
bouwmaterialen en energiegebruik. Deze voorschriften verwijzen naar NEN-normen brandveiligheid, geluidswering, veiligheid en naar de eisen van de nutsbedrijven. Het bouwbesluit is voor het hele land gelijk en wordt overal op dezelfde wijze toegepast.
  • Het bestemmingsplan geeft aan gronden een bestemming met bepaalde gebruiks‑en bouwvoorschriften. In detail beschrijft het bestemmingsplan wat binnen de ruimtelijke ordening op het betreffende perceel wel of niet is toegestaan. Zo is in het bestemmingsplan onder andere de grootte en situering van ieder bouwblok vastgelegd en zijn voorschriften opgenomen
over maximale goot- en nokhoogten. De gemeente stelt het bestemmingplan
op, en de provincie beoordeelt en stelt het plan vast.

  • Gemeenten hebben een welstandsnota waarin welstandscriteria (uiterlijk van
gebouw en inpassing in het landschap) zijn opgenomen. Hiermee kunt u zich
vóór u begint met plannen maken al op de hoogte stellen van de welstandscriteria die voor uw bouwplan van belang zijn. De uiteindelijke ruimtelijke beoordeling van het bouwplan ligt bij de (gemeentelijke) welstandscommissie. Deze welstandscommissie is een onafhankelijk
adviesorgaan en baseert haar advies op de welstandnota en op eigen inzicht.  Gemeenten zullen dit advies in het algemeen volgen. Om die reden is het verstandig om eerst een welstandbeoordeling (preadvies) op basis van een schetsplan uit te laten voeren, voordat de volledige aanvraag bouwvergunning met bijbehorende bescheiden en detailtekeningen wordt uitgewerkt.

De afwikkeling van een aanvraag bouwvergunning mag na indiening maximaal 13 weken in beslag nemen. Is er binnen deze termijn geen besluit genome (goedkeuring, aanhouding of afwijzing), dan is de vergunning van rechtswege verleend.





Bestemmingsplanvergunning
 
Een bestemmingsplan geeft aan gronden een bestemming met bepaalde gebruiks- en bouwvoorschriften. Zo wordt een ruimtelijk kader gemaakt voor de omgeving waarbinnen ontwikkelingen plaats kunnen vinden. Het bestemmingsplan regelt waar mag worden gebouwd, welke voorwaarden daaraan verbonden zijn (b.v. bouwhoogte en –oppervlakte) en waarvoor het gebouw of perceel mag worden gebruikt; b.v. winkels, horeca of woningen of veelal in het buitengebied: agrarische bestemmingen. Een bestemmingsplan bestaat uit drie onderdelen:
 
• een toelichting: in de toelichting worden de verschillende bestemmingen uitgelegd en wordt verantwoording afgelegd over de gemaakte keuzes in het plan. Ook de resultaten van onderzoeken, de inspraak van de bevolking en overleg met andere instanties worden hier vermeld.
• een verbeelding: een kaart waarop de verschillende bestemmingen voor de gronden en opstallen in het bestemmingsplangebied aangegeven worden.
• regels: hierin staat wat voor bebouwing en gebruik mag plaatsvinden per bestemming. Daarnaast staat in de regels hoe gebouwd mag worden. Zo wordt bijvoorbeeld de maximale hoogte of breedte van bouwwerken genoemd.
 
Het bestemmingsplan is voor iedereen bindend. Iedereen is dan ook aan het plan gebonden: niet alleen burgers, bedrijven en instellingen, maar ook de gemeente zelf. Voor de aankoop van een pand of een stuk grond is het daarom verstandig eerst na te gaan wat er in het bestemmingsplan voor dat perceel is geregeld.
 
Als u een stal wilt gaan bouwen, verbouwen of uitbreiden, toetst de gemeente of uw plan past in het bestemmingsplan. Als dat niet het geval is, moet u misschien uw plannen aanpassen. Een andere optie is dat u een verzoek tot herziening van het bestemmingsplan of voor een afwijking indient zodat als het goed gekeurd wordt, u de plannen mag uitvoeren.
 
De Wet Ruimtelijke Ordening bepaalt de procedure voor het bestemmingsplan. Grofweg bestaat de procedure uit inspraak en vooroverleg, een ontwerp bestemmingsplan, een vastgesteld bestemmingsplan en daarna een onherroepelijk bestemmingsplan. De totale procedure duurt ongeveer een half jaar. Als er beroep wordt ingesteld tegen het vastgestelde bestemmingsplan of er een reactieve aanwijzing komt van de provincie dan duurt het langer.





Bron: Animal Sience Group, Wageningen UR, Moderne Huisvesting Melkvee, Brochure 07, jauari 2009, beschikbaar:
http://edepot.wur.nl.ezproxy.library.wur.nl/42568[Gebruikt: 09- 03- ‘11]